‘Met goede hulp stappen vooruit zetten in precisielandbouw’

Corné Kempenaar is optimistisch over wat precisielandbouw kan bijdragen aan meer productie met minder input.

“Technisch is het geen probleem meer om plaatsspecifiek de juiste teeltmaatregel te treffen.”

Onderzoeker Corné Kempenaar van Wageningen Plant Research is specialist op het gebied van precisielandbouw, en spin in het web bij de uitrol van het project Nationale Proeftuin Precisielandbouw (NPPL). Hij is optimistisch over wat precisielandbouw kan bijdragen aan meer productie met minder input. Technisch, zegt hij, is het in principe geen probleem meer op basis van taakkaarten plaatsspecifiek de juiste teeltmaatregel te treffen, zoals bemesten, poten, bekalken enzovoort. “Systemen om dat te doen zijn gevalideerd, ze hebben in de praktijk laten zien dat ze werken.”

Tegelijk realiseert Kempenaar zich dat telers nog wel wat hindernissen moeten nemen. “Boeren kijken naar de kosten-batenverhouding en raken nog niet meteen overtuigd van het voordeel. Wat verder een rol speelt is dat precisielandbouw IT-kennis van de teler vraagt. Je moet satellietbeelden van het internet kunnen plukken en omzetten in taakkaarten voor je machines. Dat kan best lastig zijn.”

Kempenaar wijst er verder op dat de gegevensuitwisseling tussen machines – de interoperability –nog wel eens te wensen overlaat. “Met name bij machines van een paar jaar oud is niet altijd sprake van de benodigde IT-standaard. Dat zijn geen dingen die je in je eentje op je bedrijf zomaar oplost. Kom je als boer daarmee te zitten kort voor je er mee aan de slag wil, dan zeg je al gauw: Laat maar zitten, we zien volgend jaar weer wel verder. Ik snap zo’n reactie wel. Maar met goede hulp kan zo’n boer wel de stap vooruit zetten. Of het wordt een nieuwe machine.”

Nog winst te behalen met precisielandbouw

Kempenaar is het niet eens met de gedachte dat de Nederlandse akkerbouwer al op zo’n hoog productieniveau zit, dat precisielandbouw daaraan amper wat kan toevoeren. Zeker als je ook de kosten meerekent. Kempenaar: “Kijk naar aardappelen. De potentiële opbrengst is 90 ton per hectare. We halen 55 ton per hectare, dat is 40% onder de potentie. Laat de helft het gevolg van het weer zijn en dus niet beïnvloedbaar, dan blijft er altijd nog een gat van 15 à 20 ton per hectare wat door optimalisatie via precisielandbouw is te dichten, door dingen variabel en precies te doen. Dat lijkt mij toch zeker de moeite waard.”

Kempenaar vervolgt: “Je zit met € 1.900 aan variabele kosten per hectare, mogelijk kunnen die omlaag, misschien kun je via geautomatiseerde, autonome monitoring besparen op de 30 uur per hectare die aan aardappelen worden besteed. Misschien lukt het om via precisielandbouw zo’n aardappel te telen dat de prijs omhoog kan. Maar ik weet ook dat het moeilijk is een prijs te krijgen voor goed gedrag, en dat de winst van de voorloper kan worden uitgevlakt door een lagere contractprijs. Het blijft een ratrace. Maar stilzitten gaat ook niet helpen.”