Opkomst autonome trekker lijkt onstuitbaar
25 February 2026 door Martin Smits (tekst); Peter Roek, Koos Groenewold (beeld)
Het Nederlandse GPX Solutions levert het iQuus autonomie pakket dat een standaard trekker ombouwt naar een volledig autonoom werkende trekker. Afgelopen seizoen maakte de met iQuus uitgeruste trekkers opnieuw onderdeel uit van het NPPL-programma.Dit keer met een Fendt 516 en een New Holland T6.180. Bewezen succesvol, al blijft er altijd wat te wensen.
In seizoen 2024 was iQuus deelnemer met een Steyr Expert 4130 cvt en in beperktere mate met een Massey Ferguson 7719S. De New Holland maakte zijn uren bij vijf verschillende bedrijven in Noord Holland en deels ook in Flevoland. De Fendt verrichte werk op zeven bedrijven, meer verdeeld over Nederland: Noord Holland, Flevoland, Drenthe Gelderland en Zuid Limburg. Beide trekkers werden ingezet voor grondbewerking: frezen, rotorkopegen en met een cultivator. In een enkel geval hing er een spitmachine achter de trekker en zijn er plantgaten voor prei geponst, op proefbedrijf De Marke werd ook grasland bewerkt met een beluchter. Een belangrijk verschil met het eerste jaar dat iQuus bij een aantal NPPL deelnemers werd ingezet, is de mogelijkheid dat de trekker op de kopakker ook achteruit kan steken om op een kortere kopakker te kunnen draaien. Dat was in seizoen 2024 nog niet mogelijk en werd door meerdere deelnemers toen als een serieuze beperking voor de Nederlandse praktijk gezien.

Op de zijkant is de zogenoemde remmodule gemonteerd: ook als de stroom uitvalt zorgt die dat de trekker op de rem gaat. In deze box is tevens de iQuus elektronica gemonteerd.
Bedieningsgemak en interface
Op één bedrijf na werkten de iQuus uitgeruste trekkers op bedrijven die ervaring hebben met het werken met GPS en ook wel met taakkaarten en aanverwante moderne elektronische toepassingen. Na enige uitleg van het systeem konden de bedrijven vlot met het systeem aan de slag. iQuus werkt met het GPS systeem van Raven. Wie bijvoorbeeld gewend is om met Trimble te werken, heeft dan iets meer tijd nodig om zich de systematiek eigen te maken. Maar ook bij die gebruikers verliep het in bedrijf stellen vlot. Op enkele bedrijven werkte de teler zelf met de trekker, in de meeste gevallen was een van de medewerkers met de trekker op pad. Aangetekend dat die dan opmerkten wel degene te hebben ingeschakeld die in het bedrijf de meeste ervaring en feeling heeft met automatisering. Op één bedrijf was de techniek nog behoorlijk nieuw en dan is er wat meer tijd nodig om ermee vertrouwd te raken en er zelfstandig mee te werken. Maar ook telefonisch was GPX Solutions goed bereikbaar om problemen op te lossen.

Bollen planten is een keten van vrijwel gelijktijdige bewerkingen. Djurre Kool houdt bij de Groencompagnie vanaf de trekker een oogje in het zeil op de trekker die autonoom voor de ploeg uit grasland freest.
Autonomie en betrouwbaarheid
Bij een aantal bedrijven werkte de trekker volledig autonoom in die zin dat na het in bedrijf stellen de ‘chauffeur’ vertrok om elders ander werk te doen en er verder niemand op het land was om toezicht te houden. Wat de betrouwbaarheid betreft, is het werktuig eerder de beperking dan de autonome trekker op zich. Zoals de gebruikers tot nu toe werkten, was er in de meeste gevallen geen terugkoppeling van het werktuig naar de trekker. Gaat er iets stuk, raakt er wat verstopt of vraagt het resultaat van de bewerking om een andere afstelling, dan trekt de trekker zich daar niks van aan. Wel is de trekker beveiligd tegen overmatige wielslip. Om dat goed af te stellen, is nog wel een aandachtspunt. Bij bollenbedrijf Ruiter-Wever in Andijk heeft de trekker grasland gefreesd en met een rotorkopeg combinatie gezaaid. In samenwerking met de WUR is daar de frees voorzien van sensoren voor breekboutbeveiliging en oververhitting. Een investering van een paar honderd euro die snel was uit te voeren, maar waardoor het vertrouwen om de trekker langere tijd zonder toezicht te laten werken wel toenam. Loopt er iemand, een mens of een dier in het zicht van de LIDAR-camera, stopt de trekker en rijdt ook vanzelf weer verder wanneer het obstakel is verdwenen. Die beveiliging bleek goed te werken. Vliegen er bijvoorbeeld vogels voorbij, dan kan iQuus dat softwarematig filteren waardoor de trekker niet onnodig stopt. Een grote stofwolk kan (tijdelijk) stoppen opleveren. Komt de trekker door overmatige wielslip tot stilstand dan moet er een chauffeur heen om de trekker weer aan de gang te helpen. Op zich niet onlogisch, maar enkele gebruikers merken op dat het handig zou zijn wanneer ze ook live op een camera mee kunnen kijken om een idee te krijgen wat er mogelijk aan de hand is. En live met de trekker via een webcam mee kijken lijkt een aantal sowieso handig om ook zicht te houden op het resultaat van de bewerking. Met ingang van dit jaar kan iQuus worden geleverd met ‘vision streaming’ en is daarmee aan deze wens voldaan.

IQuus vraagt een eigen scherm, het communiceert (nog) niet via ISOBUS met de trekker.
Snel ingrijpen
In de meeste gevallen werkte de autonome trekker als bewerking vóór ander veldwerk uit. Bijvoorbeeld woelen als voorbewerking op het gelijktijdig met een tweede, bemande trekker inzaaien van een groenbemester. En als voorbewerking bij het tulpen planten. Met name loonbedrijf De Groencompagnie bewerkte op die manier meerdere percelen. Waar de ene gebruiker de autonome trekker vooral ziet als een systeem dat zich vooral nuttig maakt door volledig autonoom zonder direct toezicht te werken, zien anderen het als een ideale manier van werken als er voor ander gelijktijdig werk een chauffeur aanwezig is. Zoals bij het bollen planten: grasland frezen vóór het ploegen uit, direct gevolgd door frezen en vrijwel gelijktijdig planten. Omdat er steeds toezicht is, kan er snel iemand naar de trekker wanneer er toch een storing is, en anderzijds, vooral bij onbetrouwbaar weer kan er snel worden ingegrepen als de voorsprong van de autonome trekker te groot gaat worden.
Integratie in bestaand machinepark
iQuus is in principe op elke bestaande trekker op te bouwen. Hoewel dat technisch gezien het eenvoudigst is te realiseren op een trekker met CVT of een full powershift transmissie. Op een trekker met een schakelbak is autonomie veel moeilijker te realiseren en ook geen voor de hand liggende toepassing. Omdat iQuus werkt met een standaard trekker, past dat ook bij de standaard werktuigen. Bij de NPPL-deelnemers is op een uitzondering na gewerkt met werktuigen zoals een frees, cultivator, woeler of rotorkopeg zonder extra voorzieningen zoals een sensor voor tandbreukbeveiliging. In het NPPL-project werkten de deelnemers maar een beperkte periode met de autonome trekkers, maar naarmate de trekker meer uren op het bedrijf gaat maken, neemt ook de behoefte aan slimmere werktuigen toe. Vooral wanneer de trekker volledig zonder toezicht aan het werk wordt gezet. iQuus kan de trekker op de kopakker achteruit laten rijden om kort te draaien, maar dat lukt alleen met een werktuig in de hefinrichting. Achteruit rijden met een getrokken werktuig is (nog) niet mogelijk. In een individueel geval kan dat een beperking van de inzetbaarheid zijn. En tot nu toe is er alleen gewerkt met werktuigen in de hefinrichting achter de trekker. Overzetten van de autonome uitrusting naar een andere trekker op het bedrijf is niet mogelijk. Theoretisch zou dat kunnen, maar het vergt ook permanente aanpassingen op de trekker zelf. De frontbumper is makkelijk af te koppelen, maar de trekker zelf moet ook zijn voorzien van aanpassingen, bijvoorbeeld om te remmen. Dat is ook een reden dat ombouwen van een trekker naar iQuus autonomie ook enige tijd in de werkplaats vergt.

Keren op de kopakker, al of niet in combinatie met terug steken, is afhankelijk van het werk en wensen van de gebruiker in meerdere patronen te programmeren.
Capaciteit en prestaties
De capaciteit van de autonome trekker is per saldo hoger dan van een trekker met chauffeur: draaien op de kopakker gaat wat langzamer dan wanneer er een chauffeur op de trekker zit en in de praktijk zal de autonome trekker ook iets over bemeten zijn in vergelijking met een trekker met chauffeur. Bijremmen om onder extreme omstandigheden met een (te) zwaar werktuig in de hefinrichting een bocht te maken, is er niet bij en een chauffeur zal onder moeilijke omstandigheden iets adequater reageren op wielslip. Maar dat zijn argumenten die voor de bedrijven die overwegen in autonomie te investeren niet zwaar tellen. Waar de autonome trekker het wint op capaciteit, is dat deze de hele dag door onverstoord zijn werk doet. Hoeft geen koffiepauze, stopt niet voor een praatje en hoeft niet naar huis om de kinderen van school te halen. Anderzijds haalt de autonome trekker alleen capaciteitsvoordeel wanneer de trekker voldoende lang achter elkaar op een perceel kan werken. Autonomie is tot nu toe voorbehouden aan betrekkelijk eenvoudig werk waar veel uren in gaat zitten. Autonoom over de weg rijden is er niet bij en zoals een gebruiker opmerkte: als de trekker meerdere keren per dag naar een ander perceel gebracht moet worden, is het arbeidsvoordeel al gauw verdwenen. Anderzijds prijzen de deelnemers het gegeven dat de trekker op zich nog steeds de gewone standaard trekker is die zich snel en gemakkelijk door een chauffeur naar een ander perceel laat rijden. Dat geldt ook voor brandstof tanken. Is de trekker niet te ver van het bedrijf vandaan dan is die snel heen en weer te rijden om op het bedrijf te tanken en eventueel wat onderhoud uit te voeren zoals smeren, olie vullen of iets nastellen of vervangen.

De autonomie laat de trekker wanneer nodig stoppen, maar ook remmen. Voor het remmen wordt een aanpassing gemaakt met kabels die de rempedalen aantrekken.
Operationele kosten
De autonome trekker is wat energieverbruik betreft gelijk aan dat van de trekker met chauffeur. In de praktijk misschien zelfs wat voordeliger omdat het geen discipline van een chauffeur vraagt om binnen bepaalde optimale afstellingen als toerental, werkdiepte of rijsnelheid te blijven. Een chauffeur kan zich door capaciteitsdrang laten verleiden om brandstofverbruik op de tweede plaats te zetten. De autonomie houdt zich strikt aan zijn opdracht. De grootste kostenpost is de eenmalige investering en die verdient zich alleen terug wanneer er op jaarbasis voldoende uren worden gemaakt. De investering in een iQuus kit is afhankelijk van de individuele trekker, en is een bedrag vanaf €50.000. De moderne trekker van dit moment is al vrijwel autonoom. Keren op de kopakker en programmeren van de route en kopakker management is de toevoeging van iQuus. Tot nu toe zijn abonnementskosten voor updates en onderhoud niet aan de orde. Voor vision streaming dat dit jaar leverbaar wordt, zal een nu nog niet bekend bedrag per jaar worden berekend.
Op de zijkant is de zogenoemde remmodule gemonteerd: ook als de stroom uitvalt zorgt die dat de trekker op de rem gaat. In deze box is tevens de iQuus elektronica gemonteerd.
Onderhoud en service
Eenmaal opgebouwd vraagt iQuus geen bijzondere aandacht en is in principe onderhoudsvrij. Net als bijvoorbeeld met een GPS-systeem kan het na verloop van tijd nuttig zijn een kalibratie en controle van sensoren uit te voeren. GPX-Solutions heeft in twee jaar tijd al veel verbeteringen doorgevoerd, waarvan zoals genoemd het achteruit kunnen rijden een belangrijke was. En de gebruiker kan ook vrij eenvoudig zelf taakkaarten, navigatiepatronen en bestaande GPS data (o.a. perceelsgrenzen) invoeren. De huidige en mogelijk op korte termijn te verwachten verbeteringen zijn vooral software zaken. Updates en monitoring zijn draadloos en op afstand uit te voeren.

De wetgeving rond veiligheid en juridische aansprakelijkheid bij de inzet van autonome voertuigen is nog steeds een punt van discussie en een reden dat de trekkerfabrikanten in Europa nog steeds terughoudend zijn om deze trechniek aan te bieden.
Waarde voor bedrijf
Voor de deelnemers van NPPL was de inzet van de autonome trekker vooral een oriëntatie op de stand van de techniek, met de toekomst van het bedrijf in gedachte. Autonomie kan een deel van het arbeidsvraagstuk oplossen, maar het kan ook de kwaliteit van het werk verbeteren omdat autonomie extra capaciteit kan opleveren om ideale momenten zo goed mogelijk te benutten. Stef Ruiter, de bollenteler die voor het tweede jaar met iQuus werkte, is zelfs over gegaan tot de aanschaf van een iQuus uitgeruste trekker. Ruiter: ‘Besparen op arbeid is een ding, maar niet het enige en mogelijk ook niet eens het belangrijkste. Autonomie kan passen in de totale bedrijfsvoering: ideale momenten beter benutten door langere dagen te maken en als er geen chauffeur nodig is, opent autonomie ook de mogelijkheid om kleinere, lichtere machines in te zetten die de bodem ontzien waardoor een betere uitgangssituatie ontstaat voor de teelt.’ Voor een aantal van de NPPL-deelnemers zou de autonome trekker technisch gezien al geschikt zijn om op het bedrijf in te zetten, maar dat geldt nog niet zondermeer voor iedereen. Bij bloemkoolteler Slagter in Andijk reed de New Holland met een schijveneg. Dat ging op zich goed, maar om de trekker op ons bedrijf zinvol in te zetten hebben ze nog wel een paar wensen vertelt Tim Slagter: ‘We werken met drie meter brede werkgangen en een drie meter brede schijveneg en woeler, maar de oogstpaden in de bloemkool zijn 2,30 meter breed. Zoals het systeem nu werkt, programmeer je een werkbreedte van drie meter, maar dat patroon trekt het GPS-systeem dan over het hele perceel. Wij hebben een systeem nodig waarmee je de 2,30 meter brede paden tussen de drie meter werkgangen kunt programmeren. Een ander punt was een perceel waar een betonpad doorheen loopt. Dat kun je niet al één perceel intekenen waarin het betonpad wordt uitgezonderd.’ De opmerkingen of wensen die er zijn, zijn vooral van softwarematige aard en niet zozeer van directe technische aard. De autonomie doet op zich gewoon zijn werk.

Alternatieven
Wereldwijd zijn er meerdere aanbieders van retrofit-kits om een bestaande trekker autonoom te maken, maar lang niet allemaal zijn ze, mede door belemmeringen van de wetgeving, op dit moment in Europa actief op de markt. iQuus van GPX Solutions is in Nederland op dit moment het bekendste retrofit opbouwsysteem. Het Franse Agreenculture levert het AGCKIT voor trekkers met CVT transmissie. Het Duitse Braun Maschinenbau levert voor de Fendt Vario 200 RowCropPilot en het Poolse GOtrack levert AutoDrive. Prijsindicaties voor deze autonomie kits zijn allemaal zo ruwweg vanaf of rond € 50.000. AgXeed levert een Vehicle control Unit (VCU). Geschikt voor trekkers met het juiste functionaliteiten binnen het ISOBUS-TIM protocol communiceert de VCU als werktuig met de trekker en dicteert die zijn voorgeprogrammeerde taken, inclusief een te rijden route. De chauffeur rijdt mee en grijpt alleen in wanneer er wat fout dreigt te gaan. De trekker wordt in dit geval door AgXeed niet voorzien van veiligheidssystemen die een volledige autonomie wel vraagt.
Samenvattend oordeel
Plus:
* Relatief eenvoudig te bedienen en in te stellen
* Voor een groot aantal (CVT of full-powershift) trekkers toepasbaar
* Trekker blijft ook als ‘gewone’ trekker inzetbaar
* Weinig aanpassingen aan bestaande werktuigen noodzakelijk
Min:
* Alleen interessant voor relatief eenvoudig, tijdrovend werk
* Nog weinig ervaring met monitoring en beveiliging (breekbouten, verstopping etc)
* (Nog) geen communicatie via ISOBUS
* Juridische dekking veiligheid autonome voertuigen discussiepunt