‘De tijd van ‘pim-pam-petten’ is voorbij’

13 October 2026 door NPPL

Mischa Raedts bouwde de afgelopen jaren aan een toekomstbestendig akkerbouwbedrijf. Nu telt vooral rendement en laat de voormalig NPPL-deelnemer precisietechnieken grotendeels links liggen. Wel heeft hij interesse in autonoom werkende robots en doet hij feitelijk wel aan ‘grove precisielandbouw.’

Focus op aardappelen en uien

Aardappelen en uien vormen de belangrijkste pijlers van het bouwplan. Deze teelten moeten het rendement maken. Daarnaast teelt Raedts nog suikermaïs en waspeen, die hij kan inzetten als rustgewassen. ‘De focus op aardappelen en uien is van vroeger uit gegroeid. En we zijn ook volledig ingericht op deze teelten, onder meer qua machinepark. We doen de meeste werkzaamheden zelf: poten, rooien, spuiten, enzovoorts. Om onze machines optimaal rendabel te maken, zetten we ze ook in bij derden. In het verleden bestond de klantenkring van onze loonwerktak vooral uit veehouders, maar dat aandeel wordt kleiner. Nu focussen we steeds meer op het laden van uien; een teelt die groeiende is in deze regio.’

Zekerheid

Raedts erkent dat de focus op twee teelten hem kwetsbaar maakt. Dit probeert hij te ondervangen door zijn aardappelen en uien (plantuien, sjalotten) grotendeels op contract te telen. ‘Doordat ik voor 95 procent op pachtgronden teel, heb ik ook weinig financiële ruimte om missers recht te trekken. Daarom zet ik vooral in op zekerheid. Hierdoor maak ik geen grote klappers, maar ken ik ook weinig echte slechte jaren. Zelfs vorig jaar verdiende ik geld met mijn aardappelen.’

Mischa Raedts uit Sevenum verbouwt naast uien kriel- en frietaardappelen. Deze teelt hij grotendeels op contract. ‘Ik zet vooral in op zekerheid. Hierdoor maak ik geen grote klappers, maar ken ik ook weinig echte slechte jaren.’

Winst verdampt soms

Tussen 2019 en 2021 draaide de Limburger actief mee als deelnemer in de Nationale Proeftuin Precisielandbouw. Hij focuste hierbij onder meer op plaatsspecifiek spuiten en loofdoden en variabel poten. Hoe blikt Raedts hierop terug? En wat doet hij vandaag de dag nog met precisietechnieken? ‘Niet heel veel meer’, erkent hij. ‘Onze machines beschikken over veel van de benodigde technieken, maar eigenlijk gebruik ik alleen de sectie-afsluiting van de veldspuit nog. Experimenteren met nieuwe precisietoepassingen kost veel tijd en energie, zo heb ik ervaren. Nog lang niet alles is uitgekristalliseerd en je moet veel zelf uitzoeken. En dat leverde me bij alle genoemde toepassingen weinig bedrijfstechnische winst op. Soms bespaarde ik met plaatsspecifiek loofdoden in eerste instantie wel op spuitmiddel, maar was het op een bepaalde plek toch niet helemaal goed gegaan. Dan moest je weer terug en was de winst verdampt. Het pionieren betaalt zichzelf gewoon niet terug. Ook niet via een extra plus in de afzet; daar ligt een belangrijk probleem.’

Raedts bemonstert zijn percelen gemiddeld drie keer per teelt en stemt daar de bemesting per perceel op af. Op basis van de monsterdata bepaalt de akkerbouwer ook welke groenbemester hij kiest.

Situatie veranderd

Dat de ondernemer een groot deel van zijn ambities op het gebied van precisielandbouw in de ijskast heeft gezet, komt ook voort uit het feit dat zijn persoonlijke situatie is veranderd . ‘Toen ik instapte bij NPPL zat ik nog in maatschap met mijn ouders. Ik had minder taken en verantwoordelijkheden en de financiële druk was lager. Vijf jaar geleden heb ik het bedrijf overgenomen en de afgelopen jaren stoomde ik dit klaar voor de toekomst. Ik investeerde in een hecht team van goede medewerkers. Daarnaast bouwde ik een nieuwe loods, schafte ik nieuwe machines en eigen gronden aan en legde ik een vul- en spoelplaats met fytobac aan. Op dit moment is rendement draaien dan ook mijn belangrijkste prioriteit. Daardoor heb ik geen tijd meer voor experimenten, kan ik geen risico’s meer nemen. Ofwel: de tijd van “pim-pam-petten” is voorbij.’

De trekkers en andere machines van de akkerbouwer zijn uitgerust met veel precisietechnieken. Toch doet de oud-NPPL-deelnemer niet meer veel met deze technieken. ‘Het pionieren betaalt zichzelf in mijn geval gewoon niet terug.’ De ondernemer beschikt over een getrokken EVO 280-aardappelrooier. ‘Het liefst teelde ik alleen maar aardappelen. Maar een ruime gewasrotatie is een must. Ik houd bij voorkeur 1 op 5 aan. Elk jaar dat de teelten dichter op elkaar zitten, lever je bij aardappelen 5 ton of meer per hectare in.‘

Geloof in cameradetectie

Dit betekent niet dat Raedts in de toekomst niets meer wil gaan doen op het gebied van precisielandbouw. Hij ziet op termijn wel heil in de inzet van autonoom werkende machines. ‘Onze loonwerker zet soms de Ecorobotix-spotsprayer in. Dat werkt goed. Technieken waarbij meteen wordt geanticipeerd op wat de camera waarneemt; daar geloof ik wel in. Ook een wiedrobot zou op termijn toegevoegde waarde kunnen hebben voor ons bedrijf. Zolang je vooraf maar niet allerlei taakkaarten hoeft in te laden en andere voorbereidingen hoeft te treffen, zoals het geval was binnen onze NPPL-deelname. Anticiperen op wat een camera realtime waarneemt; daar zie ik toekomst in.’ De ondernemer benadrukt ook dat hij op zijn eigen manier wel invulling geeft aan precisielandbouw. ‘We bemonsteren onze percelen gemiddeld drie keer per teelt en stemmen daar de bemesting per perceel op af. We doen dus zeker niet zomaar iets, maar sturen wel degelijk op data. In feite is dit een vorm van precisielandbouw op perceelniveau. Noem het “grove precisielandbouw”.’

Uien zijn een vast element in het bouwplan. Raedts teelt onder meer rode uien. Die worden opgekweekt in de kas en later uitgeplant op het veld. Op die manier kan de akkerbouwer eerder op de markt zijn.