Exact spuiten is beter voor gewas, milieu én portemonnee

Naam: Pieter van Leeuwen Boomkamp (37).
Plaats: Nijkerk (Gld.).
Bedrijf: 140 hectare akkerbouw op zand grond. Bouwplan met 35 hectare zetmeelaardappelen, 15 hectare suikerbieten, 50 hectare snijmais, 40 hectare tarwe.
Precisietoepassing: variabele, plaatsspecifieke chemische onkruidbestrijding in suikerbieten, rijenbekalking van suikerbieten en variabele plaatsspecifieke loofdoding voor aardappelen.
Doel: Precies genoeg spuiten voor maximaal effect zonder schade en minimalisering van de milieubelasting. Voorjaarsbekalking in de rij voor verhoging bietenopbrengst en suikergehalte.

“Wat je niet pakt, waar je per ongeluk niet spuit, zie je achteraf de bieten beter staan. Maar waar je te veel spuit, zet je de groei een paar dagen stil.” Dat is één aspect  van de afweging hoeveel te doseren, waarmee Pieter van Leeuwen Boomkamp worstelt. De andere kant is het effect op het onkruid. Bij een te lage dosering worden meldes, het vierdelig tandzaad, nachtschade en doornappel onvoldoende aangepakt. Bij te veel spuiten wordt, behalve de schade aan de bieten, het milieu weer onnodig belast.

Met hulp van ‘Wageningen’ hoopt de akkerbouwer aanknopingspunten te vinden om zo te spuiten dat het voor de bieten het best is, voor het milieu en de kosten én op zo’n manier dat het onkruid onder de duim gehouden kan worden.

Hij beseft dat voor precisiespuiten meer nodig is dan een spuit die het afgiftevolume alleen beperkt kan variëren via de spuitdruk, en dan over de hele breedte van de spuitboom. Hij oriënteert zich op wat de daarvoor de verschillende mogelijkheden zijn.

Zo spuiten dat het voor de bieten het beste is, voor het milieu en voor de kosten

Pieter van Leeuwen Boomkamp heeft twee jaar geleden van een 10 hectare groot perceel een bodemscan en een taakkaart voor bekalking laten maken. Wat hij er precies mee aan moet, is hem niet goed duidelijk. Terwijl overal op het perceel de pH behoorlijk constant is (4.9- 5.0), varieert de geadviseerde kalkgift tussen 2,25 en 6 ton per hectare. “Dat is toch vreemd.” Duidelijk is wel dat de pH te laag is voor suikerbieten.
Voor seizoen 2018 wil Pieter zien wat het effect is van bieten zaaien in strookjes waarin hij eerst kalk heeft gelegd, net zoals hij normaal gesproken met rundveedrijfmest doet. “Het hele perceel ineens naar pH 6 krijgen lukt toch niet. Bovendien is volgens mij het grootste probleem met te lage pH de begin ontwikkeling van de biet. Wat ik dan wel graag zou zien is dat Suiker Unie straks aan het eind van het seizoen bieten van een zo wel en niet bekalkt gedeelte kan bemonsteren. Ik wil dan weten of er effect is op de gehaltes.”

Ik varieer nu op gevoel, maar wil middelen exacter doseren met hulp van een satelliet of drone

Tot slot gaat Pieter straks met Wageningse hulp aan de slag met het plaatsspecifiek doseren van loofdoodmiddel op basis van de vitaliteit van het aardappelloof. Die moet dan bepaald worden vanuit satelliet of drone of met de Yara- of Topcon-sensor. “Tot op heden doe ik dat wel op gevoel. Soms kan het wel met een halve dosering Reglone.”