Graslandmanagement: meer autonoom en preciezer

03 March 2026 door Janet Beekman (tekst); Koos Groenewold, Ronald Buitenhuis (beeld)

Akkerbouw Veehouderij Autonomie – Arbeid – Robotisering Data – Beslissen – Sturing Drones Precisie – Variabel – Minder input

In de workshop ‘Van teelt naar voer’ tijdens de recente NPPL+R-Deelnemersdag, ging het over grasdata, digitale tools, sensoren en robots. ‘Werken met de digitale graslandkalender kan veehouders veel opleveren in grasbenutting’, vertelde Frank Hollewand, onderzoeker precisielandbouw van Wageningen University & Research. ‘Net als preciezer bemesten of weiden op basis van een vegetatiekaart.’

Op de NNPL+R Deelnemersdag 2026 vertelt WUR-onderzoeker Frank Hollewand dat de melkveehouderij goed is vertegenwoordigd in de meer dan 120 nieuwe aanmeldingen voor NPPL+R-deelname in 2026. In totaal hadden 23 melkveehouders zich aangemeld, waarvan twintig veehouders met interesse voor graslandmanagement; voor meer en beter gras. En drie hadden vragen over robottoepassingen in de stal.

Gras beter benutten

Voor optimalisatie van graslandmanagement zijn er diverse precisietechieken beschikbaar. Zoals grasmassa meten met behulp van drones of satellieten. Deze data zijn bruikbaar voor het opstellen van een feedwedge in bijvoorbeeld agrinet of farmmaps. Of voor het instellen van een systeem om draadloos te weiden. Met plaatsing van een NIR-sensor op een mesttank kunnen veehouders preciezer bemesten. Voor het bepalen van de grasopbrengsten is er al ervaring opgedaan met NIR-sensors op een hakselaar. Binnen NPPL is een NIR-sensor op een opraapwagen nieuw. Hollewand: ‘Een veehouder met een NIR-sensor op de opraapwagen heeft heel veel data over de grashoeveelheid en -kwaliteit. De data zijn er, maar er is nog verbetering mogelijk in de vertaling naar managementinformatie waar je iets mee kunt. Via online portalen is data al steeds toegankelijker, maar nog niet gebruiksvriendelijk genoeg.’

Frank Hollewand op de NPPL+R Deelnemersdag over robotisering in de melkveehouderij. ‘Er is nog veel winst te behalen.’

Helpdesk

Toepassing van variabele drijfmest- of kunstmestgiften verbetert aantoonbaar de stikstofefficiëntie. Hollewand: ‘Voor precisiebemesting met dierlijke mest en kunstmest gaan we een helpdesk opzetten voor het maken van taakkaarten voor akkerbouw en andere teelten. Voor grasland werkt dat wat anders dan voor akkerbouw en voedergewassen. Maar alle boeren die hieraan behoefte hebben kunnen gebruik maken van de helpdesk. Het zou ook heel mooi zijn als meer melkveehouders gebruik maken van de Graslandkalender. Met het grasgroeimodel kunnen ze beter plannen waar en wanneer ze gaan maaien, weiden of zomerstalvoeren. Het benutten van steeds meer grasdata via een grasland-app verbetert het graslandmanagement en de grasbenutting. Daar is nog veel winst mee te halen.’

Andere toepassingen

In 2026 wil het project NPPL+R ook aan de slag met weiden op basis van een vegetatiekaart. Hollewand: ‘Met behulp van satellietdata of sensoren kun je een kaart maken van de grasopbrengst per deelperceel. Op basis daarvan kun je dan heel gericht beweiden. Op basis van de grasgroei kan de veehouder koeien specifiek laten grazen op deelpercelen met de hoogste grasopbrengst of kwaliteit.’ Weidevogelbeheer via nestdetectie met behulp van drones is al een aantal jaren in ontwikkeling. Hierbij worden drones ingezet met gesynchroniseerde daglicht- en warmtecamera’s om nesten exact te lokaliseren. ‘Via GPS en RTK is het mogelijk om op de plek van een nest de maaier op te tillen. Maar dat moet nog nauwkeuriger om nog beter nesten te ontwijken en om ook lopende kuikens op te sporen.’ De beelden moeten in de vroege ochtend worden gemaakt om kuikens in het nest als ‘warmtestip’ te kunnen detecteren. ‘In theorie zou het heel mooi zijn als je een drone voor een maaier uit kunt laten vliegen om de nestlocaties naar de trekker te sturen’, zegt een gebruiker in de zaal. Hollewand: ‘Maar in de praktijk maaien veehouders vaak later op de dag en dan is het hele perceel zodanig opgewarmd dat je de nesten niet meer kunt herkennen. En bovendien is de software van de trekker en drone niet compatible. Daar zoeken we nog oplossingen voor.’ Daarnaast zijn veehouders onder andere op zoek naar autonome bewerkingen op grasland. WUR onderzoekt de inzet van een autonome trekker, die uiteindelijk zelfstandig gras gaat maaien en harken. ‘In 2025 zijn al proeven gedaan op proefbedrijf De Marke met een graslandwoeler achter een autonome trekker om de grond te beluchten. Dat is goed gelukt’, besluit Hollewand.

Autonoom grasland woelen op proefboerderij De Marke. ‘Het werk.’