Zaadje op juiste plek met ultraprecisiezaaien

24 April 2026 door Leo Tholhuijsen

Akkerbouw Precisie – Variabel – Minder input

Cichoreiverwerker Sensus heeft bij NPPL-deelnemer Pieter van Leeuwen Boomkamp in Nijkerk een opkomstproef gezaaid met de ultraprecisiezaaimachine Agrisem Chief. Het idee is, dat als een zaadje precies op de juiste plek ligt, het snelst opkomt. Er is gezaaid op een halve centimeter diepte, waarbij rond elk zaadje het bodemvochtgehalte en de bodemtemperatuur is vastgelegd.

Per twee zaai-elementen van de Agrisem Chief is er één uitgerust met sensoren die voortdurend het vochtgehalte registreren, de temperatuur, het percentage organische stof én de elektrische geleidbaarheid van de bodem registreren. Onder invloed van deze parameters kan de machine de zaaidiepte variëren tussen vooraf ingestelde marges. Het idee is dat als een zaadje precies op de juiste plek ligt, het snelst opkomt. De Agrisem varieert de zaaidiepte elektronisch met een spindel motor. De druk van de aandrukrollen wordt met luchtdruk gevarieerd en gecontroleerd met een soort weegcel. Het idee hier is dat naarmate de grond meer organische stof bevat, er een groter druk nodig is om lucht uit holtes weg te drukken om zo de vochtopname van het zaad te verbeteren. (nppl-praktijkproef-ultraprecisiezaai-vocht-bepaalt-zaaidiepte) 

Sensus-experiment

In de praktijkproef van Sensus is deels gevarieerd met de zaaidiepte aan de hand van bodemvocht; twee rijen wel, tweerijen niet. Veel variatiemogelijkheid is er qua diepte overigens niet,  aangezien een halve centimeter gewenst is. Een enkel zaadje mag zelfs wel zichtbaar zijn. Een kiem van een te diep weggestopt zaadje redt het vaak namelijk niet om boven te komen. In de proef in Nijkerk is de machine daarom voor twee rijen een vaste zaaidiepte van een 0,8 centimeter ingesteld. Daarbij is wel door de machine gemeten wat op elke temperatuur het vochtgehalte en de bodemtemperatuur was. In twee andere rijen is wel met de diepte gevarieerd tussen 0,5 en 1,5 cm.

Opkomst toont effect vocht en temperatuur

Na de opkomsttellingen ontstaat aldus een beeld van de relatie tussen vocht/temperatuur en de opkomst van de cichorei. ‘Daarmee’, vertelt  Peter van den Bosch van Sensus ‘willen we inzicht krijgen en aanknopingspunten om de standdichtheid van een gewas meteen vanaf het begin te verbeteren. Wat we dit jaar in Nijkerk doen, is in feite het loggen van de zaaiomstandigheden en die koppelen aan de opkomst.’

Koppeling aan autonome tractie

NPPL-deelnemer Pieter van Leeuwen Boomkamp is geïnteresseerd in de directe effecten van het ultraprecisie zaaien. Maar zeker is hij voor de langere termijn benieuwd naar of de ultraprecisiezaai een rol kan spelen bij het autonoom maken van het zaaiproces. ‘Als trekkerchauffeur grijp je tijdens het zaaien nog wel eens in als je werkendeweg het idee krijgt  dat iets dieper of ondieper zaaien beter lijkt. Maar ook dan doe je het zeker niet tien keer op een werkgang. Vraag is nu of een machine als deze dat ingrijpen op den duur kan overnemen.’

De drie O’s

Van den Bosch noemt de drie O’s die cruciaal zijn voor een geslaagde cichoreiteelt: opkomst, onkruidbestrijding, oogst. ‘Wat we zien, is dat niet alle zaden een cichoreiplant geven. Op zich zijn missers niet zo’n probleem als ze maar regelmatig verdeeld zouden zijn. Dat is niet zo. Wat we zien, is dat pleksgewijs plantjes ontbreken, 1 of 2 meter of een paar rijtjes naast elkaar.  Zeker compenseren planten naastliggende leegstand wel wat, maar niet als de plekken te groot zijn. Daarmee is ook de latere onkruidonderdrukking door gewasplanten in het geding. Kortom: wat we willen is een zo egaal mogelijk opgekomen gewas, liefst ook nog met een minimum aan zaad.’ Een mooie egale opkomst van de cichorei heeft ook effect op de oogst, de laatste O. Een egale opkomst geeft een egaal gewas van uniforme wortels, die zich dan onder vergelijkbare omstandigheden met minder tarra en puntbreuk laten rooien.

Eva de Jonge, WUR: ‘De instellingen van de machine stonden niet goed. Als we dit twee weken eerder bij de bieten gedaan hadden, zou het zaaien daar vast ook gelukt zijn.’

Binnenkort eerste tellingen

De opkomst wordt regelmatig gemonitord; de planten één keer per week geteld. Het plantaantal drie weken na zaai is voor cichorei een belangrijke indicator voor de opkomst. Een plantaantal van ca. 160.000 planten per ha is gewenst voor een goede opbrengst. Afhankelijk van de dataverwerking is de idee om dan binnen een paar weken conclusies te trekken.

Geen plug & play

Overigens was het dit voorjaar met het opstarten van de Agrisem Chief bepaald geen kwestie van plug&play. Het lukte Pieter van Leeuwen Boomkamp niet om bietenzaad netjes verdeeld in de grond te krijgen. ‘Ik heb mijn eigen zaaimachine er weer aangekoppeld’, meldt hij op 9 april per Whatsapp. ‘Kreeg met bieten geen goede zaadverdeling. Te duur zaad om mee te gokken. Vorig jaar heb ik er een hectare mee gezaaid. Dat ging goed, maar vond nu met opgraven niet echt regelmaat in zaaibeeld. Aantal banen gedaan, maar ik vond het risico op slechte opkomst te groot.’ Bij het zaaien vorig jaar heeft Van Leeuwen Boomkamp niet gevarieerd met de zaaidiepte, omdat de sensoren nog niet geplaatst waren. Donderdag 23 april echter meldt hij in whatsapp dat, tegen de verwachting in, het resultaat in de eerst gezaaide bieten hem meevalt. ‘Bieten staan toch wel heel redelijk verdeeld, ook al gaf de monitor bij het zaaien anders aan.’ Ook donderdag 16 april bij de aanleg van de Sensusproef bleek het geen sinecure om de zaaimachine direct netjes aan het precisiezaaien te krijgen. Dat lukte pas na telefonische tussenkomst WUR-expert Eva de Jonge in samenspraak met  een Frans sprekende technicus van de fabriek. Eva de Jonge: ‘De instellingen van de machine stonden niet goed, en dat was bij de bieten waarschijnlijk ook het probleem. De Fransen hebben ons geholpen om alles te resetten en goed in te stellen voor variabel cichorei zaaien, de software op de goede zaaischijf af te stemmen, et cetera. Als we dit twee weken eerder bij de bieten gedaan hadden, zou het zaaien daar vast ook gelukt zijn. Er komt nog een stukje bieten aan waar we dat wel variabel gaan doen.’

Peter van den Bosch (Sensus): ‘Het gaat om de drie O’s: opkomst, onkruidbestrijding, oogst.’